JEUGDHERINNERINGEN AAN EN BELEVENISSEN TIJDENS DE TWEEDE WERELDOORLOG IN EN OM BALKBRUG. (VII)

 

Je geboorteplaats of de plek waar je de jeugdjaren doorbracht, hebben toch altijd een apart plekje in je hart. Vaak ontmoet ik nog wel oud "Balkenezen", meestal praten we dan over vroeger en de mooie jeugd, die we "an de Balk" meegemaakt hebben.

Rondom zijn er bossen met heide en niet te vergeten "Willem Smit zien watergat" en het prachtige Heuveltjesbosbad. Weliswaar toen nog niet verwarmd, maar in onze herinnering waren de zomers warmer en de winters kouder, hoewel we bij het schoolzwemmen wel eens erg stonden te bibberen.

 

Genoeg te eten

Echt honger hebben we in de oorlog niet geleden. De meeste mensen hadden een tuin en ook de gestichtswoningen waren voorzien van een grote tuin.

Bij de boeren in en om ons dorp kon je terecht voor melk, graan en aardappelen. De bakker had wel eens een brood en de slager een stukje vlees zonder bon. De slagers waren maar drie dagen in de week open en dan kon er nog maar mondjesmaat verkocht worden. Dus, om het hoofd boven water te houden, moest er zo nu en dan clandestien geslacht worden.

De toenmalige bewoner van het @Limiethuisje@ (op de hoek van de Dronkemanslaan en de Boslaan) zorgde er voor dat voor en naast zijn huis netjes geharkt was. Het was een strategisch punt, want hier kwamen in de late avond of  's nachts de koeien langs die naar Reinder of Willem Nijensikkens gingen om geslacht te worden. Als er de volgende morgen afdrukken van koeienpoten zichtbaar waren kwam hij zich melden. Zijn stilzwijgen werd dan

gekocht met iets voor de soep. Dat stiekeme slachten gebeurde alléén als de "r" in de maand was en misschien eens in de maand, want het was erg gevaarlijk. Werd je gesnapt, dan kon je drie maanden :"zitten" in kamp "Erica" bij Ommen. Het vlees zonder bon kostte vijf gulden per pond, maar vet vijfentwintig gulden. Mijn vader zei wel eens: "Het moest eigenlijk één dag in de week oorlog zijn, dan konden we het vet ook weer kwijt".

 


Hoeve no. 5. Beter bekend als de boerderij van Van Gorcum. Het afweergeschut stond opgesteld tussen de Boskerk en de boerderij.

 

Een transport onderweg

Maar ik dwaal af, het verhaal van de ontploffing van de torpedo's in de Ommerschans wilde ik vertellen.

Er was een transport met torpedo's onderweg van Duitsland naar vermoedelijk Harlingen. De Engelse inlichtingendienst was hiervan op de hoogte en probeerde het te onder scheppen. Op zekere dag stond het transport, dat vergezeld werd door "flak-geschut" (Flieger Abwehr Kanone) te schuilen onder de zware eikenbomen in de Ommerschans, Het was goed afgedekt met een camouflagenet en er werden ongeveer acht torpedo's vervoerd. Het geschut stond onder de bomen bij hoeve no. 4 (Hiemstra)  en hoeve no. 5 (Van Gorcum) ook onder een camouflagenet verscholen.

Een Engelse verkenner kwam overvliegen en dom genoeg begon men met het geschut bij de hoeve van de familie Hiemstra (hoeve no. 4) te schieten. Het vliegtuig werd niet geraakt en verdween zo snel mogelijk, om een poosje later met (ik denk vier) kameraden terug te komen. Het werd een gegier en gehuil van vliegtuigen, die één voor één in duikvlucht met mitrailleurs het transport bestookten.

In mijn herinnering was het de laatste, die een bom afwierp. Hierna zagen we een enorme lichtflits en hoorden even later een ontzettende knal en zagen een vliegtuig dat door de luchtdruk in de lucht stond te dansen boven de plek des onheils.

We stonden op de Ommerweg (vlak bij de brug) te kijken en riepen in koor: "Als ie het maar haalt", helemaal niet denkend aan de mensen die daar in de buurt woonden en de Duitsers die hierbij ongetwijfeld omgekomen zouden zijn.

 

Zij maakten het van dichtbij mee

Berend Nanning heeft mij verteld, dat hij op die dag met paard en wagen onderweg was van Dedemsvaart via Balkbrug naar Ommen om bij diverse bakkers roggebrood te brengen Bij de Ommerschans aangekomen (hij was net voorbij de zwarte schuur, nu Rino v d Pol grondboringen en nog voor de gracht), kwam een Duitse officier schreeuwend op hem af en beduidde hem dat

het levensgevaarlijk was en dat hij snel dekking moest zoeken. Terwijl Berend snel zijn paard uitspande om dat de vrijheid te geven, zag hij het gezicht van de Duitser, die ongeveer zestig meter van hem af op de weg stond, plotseling rood worden van het bloed en even daarna in elkaar zakken. Het was één van de soldaten, misschien de luitenant, die hier omgekomen is.

Nanning heeft dekking gezocht en alles meegemaakt. Toen het voorbij was, heeft hij gauw z'n paard opgezocht en is terug gegaan.

 


Hoeve no. 4. De boerderij van de familie Hiemstra. In de tijd van het R.O.G. de zuivelhoeve. Ook hier stond "Flakgeschut" opgesteld.

 

Jaap Bosma, die, nadat zijn vader overleden was, de melkwijk van Prins over nam (Zwolseweg), heeft mij het volgende verhaal verteld. Hij was op weg naar Witharen om een oude autoband op te halen. Zijn vader, die als eerste kaasmaker in de melkfabriek werkte, had deze gekregen van een melkrijder en Jaap moest de band lopend ophalen en deze zou aan repen gesneden worden, om te gebruiken als fietsband. Met een fiets, voorzien van autobanden, kon je iemand van verre al horen aankomen. De einden van de reep band werden met ijzerdraad aan elkaar gemaakt. In deze las zat altijd ruimte. Het rammelde en stootte altijd. Bij de schans aangekomen, zag hij veel Duitse soldaten. Net voorbij de koffie- en katoenbaalweverij stond een groot transport helemaal bedekt met camouflagenetten en onder dikke eiken verscholen. Ook in en om de school waren veel Duitsers. Jaap was goed en wel de Zuiderweg voorbij toen het begon. Overal waren soldaten, die hem beduidden plat te gaan liggen in een sloot of in het bos. Na afloop zat de schrik er zo in, dat hij helemaal via het Ommerkanaal naar huis is gelopen. Bij Jan Veijer, naast het postkantoor en Jan Bisschop aan de Kolonieweg, hebben jarenlang nog de staarten van de torpedo's als souvenir in de tuin gestaan.

 


De voormalige katoenbaalweverij (op deze foto is minder dan de helft te zien), werd omstreeks 1836 gebouwd voor de bedelaarskolonie. Even voorbij deze plek was de grote explosie, waarbij ook het voorstegedeelte van het mooie oude gebouw werd vernield.

 

Gesneuvelde Duitsers

Dit speelde zich allemaal af op 5 April 1945, een paar dagen voor onze bevrijding. Vandaar dat de Duitsers geen tijd hadden om de stukken en brokken, maar ook hun overleden kameraden, mee te nemen.

De omgekomenen waren:

Gottfried Weissard,  Luitenant, verder onbekend (no. 1)

Martin Eckloff, geb. 27‑08‑1925, gefreiter, overl.05-04-'45 (no. 2)

Karl Reitz, geb. 14‑10‑1925, gefreiter, overl. 05‑04‑'45 (no. 3)

Julius Ofenbeck, geb. 02‑11‑1926, flieger, overl. 05-04‑'45 (no. 4)

Walter Schimarei, geb. 25‑04‑1927, pionier, overl. 05‑04‑'45 (no. 5)

Kurt Richter,  geb. 04‑03‑27, 2/Pi Batl.2, overl. 05‑04‑'45 (no. 6)

Alle gegevens ontbreken (no. 7)

Deze mensen zijn allen begraven op het kerkhof in Oud Avereest. No. 7 was helemaal in stukken gereten. Een deel van zijn lichaam hing aan de bretels in de bomen,  zoals er toen verteld werd.

Er is nog een Duitser op hetzelfde kerkhof begraven, die een dag na onze bevrijding gefusilleerd is, maar daar over later meer. Alle acht zijn later herbegraven op een groot Duits ereveld.

Tot vandaag de dag is de onheilsplek nog zichtbaar, want door de vreselijke explosie zijn ook de oude eiken verdwenen en vervangen door jongere aanplant. De oude weverij werd ook gedeeltelijk verwoest. Later werd aan dit gebouw de naam "nachtlegermagazijn" gegeven. Veel, ja veel te veel gebouwen in de Ommerschans, zijn inmiddels afgebroken en dus verdwenen.

 

Tenslotte

Door toedoen van de heer Wolbink van de gemeente Hardenberg weten we nu de namen van de mensen, die toen het leven lieten. Bijna allemaal jonge mensen, die toch een vader en moeder en misschien broers en zusters hadden en ver van huis moesten sterven door de waanzin die oorlog heet. Maar dat zal wel nooit veranderen. Wolbink, bedankt, ik hoop in de toekomst nog eens een beroep op jou en je medewerkers te mogen doen om in de archieven van onze vroegere gemeente Avereest te kunnen duiken.


Jan Nijensikkens

 

 

 

Ga terug