HET ZAKBOEKJE

Dat de veldwachters in Avereest aan het begin van de 20e eeuw een drukke en veelzijdige baan hadden, wil ik U graag aan de hand van een oud zakboekje laten zien.
De twee veldwachters, E. Oostindiën en A. Piel, die dit boekje hebben bijgehouden, deden dienst in en om Balkbrug en woonden daar ook. We beginnen met Eppe Oostindie, zoals hij in de volksmond werd genoemd. 
In de openbare lagere school Wijk I te Balkbrug, de school waar later de gymzaal stond en nu het woonzorgcomplex wordt gebouwd, werd in de herfst en winter 's avonds les gegeven (de avondschool). Er werden tekenlessen gegeven voor jonge timmerlieden en ook vervolglessen in rekenen en taal. Een groep jongens die de avondschool bezocht had, haalde na afloop nog graag wel eens wat kattenkwaad uit. Schuin tegenover de school stond een oud huis met daarin een bezembinderij, gedreven door 2 oude broers. Voor dit huis lagen grote hopen heide en berkenrijs. Een ideale plek om je in te verstoppen en een ruitentikker aan te leggen. Een stopnaald of spijker met daaraan een steentje werd dan in de sponning gestoken, deze kon men door aan een lange draad voorzichtig rukjes te geven, tegen de ruit laten tikken. Meestal werd er als dit gebeurde, binnen geroepen: "is t'er volluk?" Even later verscheen vervolgens één van de oude broers buiten om poolshoogte te nemen. De jongens hadden dan de grootste pret.
Op zekere avond was alles weer in gereedheid gebracht en nadat het eerste rukje aan de draad was gegeven, sprong, onder de kreet van: "Ik zal oe leer'n um olde mensen te plaogen", Oostindiën achter een heidebult vandaan. Hij was toen al rond de 65 jaar. Hij had zich voorzien van een lange stok en deelde daar rake klappen mee uit. Arend Meier kreeg de meeste klappen, omdat hij niet zo gauw weg kon komen. Ook Berend Knol, Roelof Wassens, Kobus Moulijn en Willem Nijensikkens kregen hun portie mee.
Oostindiën, geboren 31 mei 1849 te Staphorst, heeft nog dienst gedaan tot februari 1918. Hij was toen dus bijna 69 jaar. Van vervroegde pensionering of met de VUT gaan was toen nog niets bekend. Ziekte dwong hem te stoppen. Hij heeft nog geleefd tot 1935. 
Wij zullen de werkzaamheden van Oostindiën in de maand januari 1918 aan de hand van het zakboekje volgen. Hierbij moet U wel weten dat alles te voet moest gebeuren en dat hij toen al bijna 69 jaar was. Zo is hij te vinden in Dedemsvaart op de markt, op de Kievitshaar, op Den Oosterhuis, in De Maat, Klein Oever, de Sponturfswijk, de Pol, enz. 
Zijn vrouw is gestorven in april 1945. Tijdens de bevrijding stond ze opgebaard in dit huis. De Canadezen schoten vanaf de Pol op de pijp van de zuivelfabriek en één van de granaten is toen dwars door haar huisje gegaan. Gelukkig zonder veel schade aan te richten.
Twee van de dochters zijn in Balkbrug getrouwd. Grietje met G. Grootenboers en Petronella met H. Westerbaan. De beide zusters kregen elk één zoon, resp. Ep Grootenboers en Maus Westerbaan. Door de schoondochter van Petronella (tante Nel), Hilly Westerbaan, is het zakboekje geschonken aan de HVA. We maken hier graag gebruik van.
In het volgende nummer gaan we de opvolger van Oostindiën, veldwachter A. Piel, aan de hand van het boekje volgen bij zijn werkzaamheden.

Jan Nijensikkens.

 

Ga terug